Je nettoloon stijgt in 2026

Vanaf 1 januari 2026 houden veel werknemers in Nederland iets meer over van hun nettoloon. Dit komt door aanpassingen in het Belastingplan 2026, waarmee het kabinet vooral lage en middeninkomens wil ondersteunen. Voor organisaties én HR-professionals biedt dit niet alleen duidelijkheid richting medewerkers, maar ook kansen om het gesprek over beloning en financiële ruimte op een transparante manier te voeren.

Wat verandert er precies?

De meeste werkenden zullen het vanaf januari merken op hun loonstrook: een lichte stijging van het nettoloon. Voor iemand die een modaal salaris verdient (ongeveer € 3.875 bruto per maand) betekent dit gemiddeld ruim 34 euro extra per maand. Bij hogere inkomens, rond de €7.750 bruto, loopt dat op tot iets meer dan 37 euro per maand.

De verschillen zijn dus niet enorm, maar wel merkbaar. Zeker in een periode waarin leven duurder is geworden. Ook werknemers die het wettelijk minimumloon verdienen, zien hun nettoloon stijgen. Hoeveel precies, hangt af van de arbeidsduur. Bij een contract van 20 uur komt de stijging uit op ruim 13 euro per maand, en bij een fulltime werkweek van 40 uur loopt dat op tot ongeveer 19 euro extra. Het effect is daarmee kleiner dan bij modaal, maar nog altijd een stapje vooruit.

Waarom stijgt het nettoloon in 2026?

De kern van de verandering zit in de manier waarop de overheid de arbeidskorting en de bijbehorende inkomensgrenzen aanpast. Door die grenzen anders te indexeren, sluiten ze beter aan bij de economische realiteit van 2025 en 2026.

Vooral lagere inkomens profiteren hiervan, omdat de arbeidskorting voor hen relatief veel invloed heeft op het nettoloon. Ook middeninkomens gaan erop vooruit, al is het effect daar wat subtieler.

Deze wijzigingen kwamen er overigens niet zomaar: na kritiek op eerdere plannen, waarbij sommige groepen er juist op achteruit dreigden te gaan, heeft het kabinet de tabellen herrekend en gecorrigeerd.

Niet voor iedereen een meevaller

Hoewel het merendeel van de werknemers erop vooruitgaat, blijft voorzichtigheid geboden. Voor bepaalde groepen, met name minimumloonverdieners of mensen met wisselende uren, dreigde eerder een netto-dalingen door zogeheten bracket creep, het effect waarbij belastingtabellen minder snel meestijgen dan lonen.

De nu gepresenteerde bedragen zijn bovendien voorlopig. Pensioenpremies, persoonlijke heffingskortingen en het definitieve minimumloon voor 2026 bepalen uiteindelijk het exacte nettobedrag per werknemer.

Wat betekent dit voor organisaties en HR?

Voor werkgevers én HR-teams is dit hét moment om looncommunicatie helder en positief neer te zetten. Een hoger nettoloon in 2026 betekent namelijk:

  • een beter gesprek over totale beloning, ook als het brutosalaris niet verandert;
  • duidelijkheid voor medewerkers die moeite hebben rond te komen (vergis je niet, elk bedrag helpt);
  • kansen om wervingscampagnes nét iets aantrekkelijker te maken.

Daarnaast is het belangrijk om medewerkers goed te informeren: de stijging komt voort uit belastingtechniek, niet uit een loonsverhoging. Transparantie voorkomt misverstanden én versterkt vertrouwen.

Overige artikelen